Tenniselleboog

Wat is een tennisarm (of tenniselleboog)? Een tenniselleboog (ook wel tennisarm) is een overbelasting van pezen en/of spieren van de onderarm (de zogenaamde ‘polsstrekkers’). De aanhechtingen van de pezen van deze spieren zitten aan de boven-buitenkant van de elleboog. Soms zit de overbelasting aan de binnen-onderzijde van de elleboog. Dat heet een golferselleboog. De pijn is erg vervelend, maar niet schadelijk. De meeste tennisellebogen genezen vanzelf binnen 6 maanden.

Oorzaak

De belangrijkste oorzaak is overbelasting van de onderarmspieren die de hand strekken (tenniselleboog) of de hand buigen (golferselleboog).

Gek genoeg wordt slecht 5% van alle tennisellebogen veroorzaakt door tennis. Het is wel zo dat circa 50% van alle tennissers eens in hun tenniscarriere te maken krijgen met een tenniselleboog. Oorzaken voor het krijgen van een tenniselleboog kunnen gebruikelijke én ongebruikelijke activiteiten zijn. Zo komt het voor bij mensen die hun normale activiteiten (blijven) doen, maar waarbij hun lichaam er minder goed tegen bestand is. De belasting en de belastbaarheid van deze mensen is uit balans.

Klachten en symptomen bij een tennisarm

Een veelgehoorde klacht is een pijnlijke plek op en rond het bot aan de buitenzijde van de elleboog. De pijn kan uitstralen in de onderarmspieren en neemt toe bij bovenhands tillen van (zware) voorwerpen, knijpen (zoals bij iemand een hand geven) en bij strekken van de pols terwijl de elleboog recht is. Het vasthouden van voorwerpen zoals een mes, vork of een kopje of een pen kan moeilijk zijn. Ook kan het soms lastig en pijnlijk zijn om de arm volledig te strekken en zijn er klachten tijdens het gebruik van een computermuis.

Hoe vaak komt een tenniselleboog voor en bij wie?

Twee procent van de bevolking heeft wel eens last (gehad) van een tenniselleboog. In de leeftijdsgroep tussen de 40 en 50 jaar is dit 10%. Meestal ontstaat een tenniselleboog aan de ‘dominante arm’ (de arm waarmee je schrijft). Een tennisarm is meestal niet sport-gerelateerd.

Wat zijn risicofactoren?

Overmatig gebruik van de onderarmspieren door herhaalde bewegingen, vormen de oorzaak van de klachten. Dit gebeurt bijvoorbeeld als je schildert, kleding uitwringt, een schroevendraaier gebruikt of een computermuis veelvuldig gebruikt.

Hoe behandelt de fysiotherapeut een tenniselleboog?

De fysiotherapeut kan je adviseren met betrekking tot de (werk)houding en de hervatting en opbouw van activiteiten. Hiervoor kan hij je specifieke oefeningen geven. Daarnaast kan hij technieken gebruiken zoals diepe massage (frictie) om de tenniselleboog te behandelen.

Wat kan ik zelf doen?

Het is belangrijk te weten dat een tenniselleboog in de meeste gevallen vanzelf over gaat. Om snel herstel te bevorderen kun je zelf zorgen voor een goede doorbloeding van de pees door de arm licht belast te blijven bewegen. Probeer bewegingen die de pijn veroorzaken zoveel mogelijk te vermijden. Er is geen bewijs dat doorgaan met sporten schadelijk is. Je kunt ter verlichting van de pijn eventueel met een brace/elleboogband sporten, maar het herstel van de elleboogklachten gaat niet sneller door de tenniselleboogband.

Wat kun je verder doen:

Oefen met lichte rekkingen van de pols, waarbij de vingers naar de binnenzijde van de onderarm worden gebracht en de arm langzaam gestrekt wordt. Beweeg, zonder belasting, binnen het bewegingsgebied waar de minste klachten optreden.